Romanovs en de ridderromantiek

11-05-2021 08:00

Categorie: Geschiedenis

Romanovs en de ridderromantiek

Foto: Chantal Schoumacher, Redactie: Iza Oosterbosch

 

Enkele tsaren uit de 19de eeuw waren verzot op middeleeuwse objecten van verfijnde religieuze kunst, tot stoere harnassen.

 

De eerste grote verzamelaar uit het geslacht was Peter I, die in 1721 het keizerrijk Rusland stichtte en van Sint-Petersburg de hoofdstad maakte, ten koste van Moskou. Peter bouwde daarom in Sint-Petersburg zijn Kunstkamera. In dit ‘Peter de Grote-museum voor antropologie en etnografie’ was de anatomische verzameling van de Amsterdamse hoogleraar Frederik Ruysch een van de hoogtepunten. Net als Peter had zij veel belangstelling voor het Westen en was ze een verwoed verzamelaar.

Maar waar Peter de Grote zich vooral voor natuurwetenschappelijke objecten interesseerde, liet Catharina haar oog vooral vallen op kunstobjecten (in het bijzonder op porselein en schilderijen, waarvan ze er duizenden bezat.) Catharina legde met haar verzamelingen schilderijen en keramiek de basis voor de Hermitage in Sint-Petersburg. In 1885 kocht Alexander III de verzameling voor de Hermitage in Sint-Petersburg. Uit deze schat komen 25 van de 250 voorwerpen die te zien zijn in de Hermitage Amsterdam, waaronder deze reliekbuste van Sint-Thekla , die in 1952 in het Rijksmuseum terechtkwam.

De 19de eeuw
In 1798 raakt ook Rusland betrokken bij de expansiedrift van de Franse generaal. In dat jaar verovert Napoleon het eiland Malta, dat tot dan toe wordt geregeerd door de Soevereine Militaire HospitaalOrde van Sint Jan van Jeruzalem, van Rhodos en van Malta. De Romanovs onderhielden al sinds Peter de Grote een goede band met het eiland. Als de ridderorde door Napoleon wordt verdreven, biedt tsaar Paul I de vluchtelingen een plek aan in Sint-Petersburg.

De ridders krijgen tijdelijk veel invloed in Rusland, maar na de moord op Paul I in 1801 verdwijnen ze geleidelijk weer uit het land. Het Verenigd Koninkrijk, Zweden, het Heilige Roomse Rijk, Spanje, het Bataafs Gemenebest, het koninkrijk Napels en het keizerrijk Rusland zien deze uiting van macht met argusogen aan en ver-klaren Frankrijk in 1805 de oorlog. Maar deze Derde Coalitieoorlog komt nog voor het eind van het jaar ten einde door de Slag bij Austerlitz, waar Napoleon de keizers Frans II van het Heilige Roomse Rijk en Alexander I van Rusland verpletterend verslaat. Voor de Fransen is dit voldoende reden voor een oorlog en in 1812 valt de Grande Armée Rusland binnen.

Hierna keert het tij voor Napoleon, en in 1815 wordt hij bij Waterloo definitief verslagen.

Middeleeuwse inspiratie
Er ontstaat in deze tijd in heel Europa een revival van de Middeleeuwen vanuit de gedachte dat het leven toen nog eenvoudig en puur was. Het grote voorbeeld hiervan is Ivanhoe van Walter Scott, maar ook in België en in Frankrijk is het een populair genre. Ook aan het Russische hof is de belangstelling voor de Middeleeuwen groot. Nicolaas I, die van 1825 tot 1855 regeert, krijgt zelfs de bijnaam ‘ridderlijke tsaar’, vanwege zijn grote hang naar middeleeuws vertier.

Nicolaas groeide op in het paleis in Gatsjina, dat door Paul I in middeleeuwse stijl was gerenoveerd, en was van nabij getuige van de strijd tegen Napoleon. In 1834 liet hij in Tsarskoje Selo een gebouw optrekken om deze collectie te herbergen. Manuscript van Roman de la Rose, door Guillaume de Lorris en Jean de Meung. De ridderzaal van het Arsenaal werd door Nicolaas trots gebruikt voor officiële diners en ontvangsten.

Als de keizerlijke familie niet aanwezig was, werd het Arsenaal als museum geopend voor publiek. In 1842 organiseerde Nicolaas I ter gelegenheid van zijn zilveren bruiloft met Alexandra Fjodorovna een carrousel, een gekostumeerde optocht te paard door het park van Tsarskoje Selo, uiteraard in middeleeuwse stijl. Nicolaas’ opvolger Alexander II had weinig op met de Middeleeuwen, maar zijn zoon des te meer. Alexander III, die van 1881 tot 1894 op de troon zat, was een reactionaire heerser die veel hervormingen van zijn vader rigoureus terugdraaide.

Maar ondanks zijn norse karakter en harde optreden, had hij een grote liefde voor middeleeuwse kunst. Die kon hij in een klap bevredigen door in Frankrijk de Bazilevski-collectie aan te schaffen, een ongelooflijk rijke verzameling van religieuze middeleeuwse kunst. In 1885 kwam de Bazilevski-collectie over naar de Hermitage in Sint-Petersburg.